bg header new

ouderedamekijktuitraam 0Ik ben 86 jaar en slecht ter been, zodat ik niet meer naar de bovenverdieping kan waar de slaap- en badkamer zich bevinden. De gemeente heeft mijn verzoek om een traplift afgewezen, omdat ik dit had kunnen zien aankomen vanwege mijn leeftijd. Ik had volgens de gemeente eerder zelf maatregelen moeten nemen. Klopt dat?

 


Antwoord

Woningaanpassingen zoals een traplift vallen onder de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo). De gemeente voert deze wet uit. De gemeente mag een traplift niet weigeren puur omdat lichamelijke beperkingen op basis van uw leeftijd voorzienbaar zou zijn. Het is ook moeilijk om te bepalen met welke leeftijd traplopen moeilijk wordt. Dat is voor iedereen anders.
In specifieke gevallen mag een woningaanpassing wel geweigerd worden. Bijvoorbeeld als u onlangs met uw fysieke klachten bent verhuisd naar een woning waar u de trap op moet om de slaap- en badkamer te bereiken. U bent dan naar een ongeschikte woning verhuisd. Bij een verhuizing bent u zelf verantwoordelijk om rekening te houden met voor u passende huisvesting.
Een traplift kan ook geweigerd worden als het huis daarvoor ongeschikt is. Bijvoorbeeld als er hoge smalle trappen zijn, waardoor de lift moeilijk geplaatst kan worden en er niemand meer langs kan.
Overigens kan de gemeente in het gesprek vooraf nagaan of de persoon het niet beter zelf kan betalen en wijzen op de hoogte van de eigen bijdrage. Het gaat er in dat gesprek om dat de aanvrager een goede afweging kan maken. De gemeente mag niemand afwijzen op grond van het feit dat men de voorziening zelf kan betalen.
In veel gevallen zal de gemeente erkennen dat een voorziening nodig is. Maar dat betekent niet automatisch dat u de traplift of andere woningaanpassingen krijgt. De gemeente kan namelijk kiezen voor de ‘goedkoopst adequate voorziening’ om de kosten te beperken. Dit kan betekenen dat de gemeente vindt dat u moet verhuizen naar een geschikte woning als dit goedkoper is dan het aanbrengen van voorzieningen zoals een traplift. Vaak komt u dan wel in aanmerking voor een verhuiskostenvergoeding en hulp bij het vinden van een geschikte woning.
Bij het nemen van een beslissing moet de gemeente de hele situatie van de aanvrager nagaan en een zorgvuldige afweging maken. Als iemand bijvoorbeeld sociale steun en mantelzorgers in de buurt heeft, moet de gemeente dit belang meewegen.
Tegen een beslissing van de gemeente, zoals het weigeren van een aangevraagde woningaanpassing, kunt u bezwaar maken. U doet dat uiterlijk binnen 6 weken na de beslissing. De gemeente zal haar besluit dan opnieuw overwegen. Tegen de beslissing van de gemeente op uw bezwaarschrift kunt u in beroep gaan bij de rechtbank.

(Vraagbaak De Woonbond 9 mei 2017)

 

­